Voetbal
Vermoedelijk ga ik mijn fijnbesnaarde inborst en doorlopend goede luim met het onderstaande te grabbel gooien, maar ik vind het voetbal van tegenwoordig helemaal kut. En dan met name al dat theater er omheen. Maken ze een goal, dan moet er een dansje gemaakt worden. Volgens mij is Pelé daar ooit mee begonnen in de jaren 60. In de jaren 90 hadden we vervolgens ene Roger Milla uit Kameroen die na zijn doelpunten de cornervlag ten dans vroeg voor een vrolijk heupwiegende salsa. Dat zag er dan allemaal nog wel koddig uit, maar tegenwoordig worden er zelfs hele groepschoreografieën bedacht.
De meest uitgewerkte groepschoreografie ooit was misschien wel die van het nationale elftal van IJsland tijdens het Europees Kampioenschap van 2016. De zogenoemde ‘Viking Clap’. Een gezamenlijke overwinningsviering van spelers en supporters waarbij iedereen boven het hoofd in de handen klapt, met een steeds langzamer en harder ritme, begeleid door een diepe kreet: ‘Huh!’
De grens tussen spontane vreugde en een vooraf ingestudeerd dansje is in het moderne voetbal behoorlijk vervaagd. Waar Roger Milla nog improviseerde bij de cornervlag, lijken sommige hedendaagse vieringen bijna op een optreden van een dansgroep. En als ik dat wil zien ga ik wel naar een voorstelling van het Nationaal Ballet.
Maar het kan nog gekker en ik kan me nauwelijks iets voorstellen dat meer weerzin bij me oproept dan het volgende: hebben ze een doelpunt gemaakt, kijken ze omhoog, maken ze een bedankteken en slaan vervolgens een kruisje. Wat denken ze nou? Dat onze Lieve Heer of Lieve Vrouwe zich bemoeit met de voetbalcompetitie? Kom nou!
Alsof de Almachtige op een zaterdagavond niets beters te doen heeft dan zich over een wedstrijd tussen Nederland en Zweden te ontfermen. Alsof Hij daarboven op een wolkje zit, een oogje op het Midden-Oosten houdt, ondertussen de tektonische platen een beetje in de gaten houdt en dan denkt: ‘Wacht eens even, laat ik eerst even zorgen dat Summerville, speler in het Nederlands elftal die bal van net buiten het strafschopgebied precies tussen de palen jaagt.’
En stel dat het inderdaad zo werkt, wat zegt dat dan over de verliezende partij? Heeft de Heer daar bewust tegen gestemd? Heeft Hij besloten dat de linksback van dienst vandaag maar eens een eigen doelpunt moest maken omdat zijn tegenstander vromer was? Is de stand in de Eredivisie soms een afspiegeling van het hemelse puntenklassement?
Het wordt nog ongemakkelijker als beide ploegen na afloop dankbaar naar boven staan te wijzen. Dan heeft God blijkbaar tegelijkertijd voor beide ploegen gekozen. Dat is theologisch gezien een prestatie waar zelfs de meest ervaren kerkvader nog een flinke kluif aan zou hebben.
Nee, geef mij dan maar die ouderwetse vreugde. Een speler die zijn armen in de lucht gooit, zich laat bespringen door drie ploeggenoten en vervolgens buiten adem weer naar de middenstip sjokt. Dat begrijp ik. Dat is menselijk. Dat is spontaan.
Maar al die ingestudeerde dansjes, symbolische handgebaren, hartjes, kruisjes, vingertjes naar boven en complete musicalproducties na een doelpunt: ik krijg er bulten van.
Misschien word ik oud. Dat zal best. Maar ik verlang terug naar de tijd dat een doelpunt gewoon een doelpunt was. Tegenwoordig lijkt iedere speler zich verplicht te voelen om na afloop een combinatie te brengen van Fred Astaire, een TikTok-influencer en een rondreizende evangelist.
En dat allemaal omdat er een balletje tussen twee palen is beland. Je zou bijna denken dat er een wonder heeft plaatsgevonden.
Maak jouw eigen website met JouwWeb